De Turkse economie in 2022: is er een plan voor de strijd tegen inflatie?

2021 was wereldwijd een jaar van stijgende inflatie en een economische groeivertraging. Als het inflatieherstel in de eerste helft van het jaar te wijten was aan basiseffecten in vergelijking met de daling aan het begin van de pandemie, leidden verstoringen in de toeleveringsketens en een stijging van de grondstoffen- en voedselprijzen in de tweede helft tot een aanhoudend stijging van zowel de consumenten- als de producentenprijzen. Daardoor is de druk op de rentevoeten wereldwijd toegenomen. Behalve in Turkije.

In 2021 hebben veel centrale banken in ontwikkelingslanden de rente verhoogd vanwege de hoge inflatie. Er waren er ook landen die renteverhogingen wisten te vermijden, maar de enige centrale bank die de rente in deze periode verlaagde was de Turkse centrale bank (CBRT). Dit hoewel Turkije is een van de landen met de hoogste inflatie, rentetarieven en risicopremies. De spanning tussen de CBRT en de Turkse regering dook voor het eerst op in 2013 en is sindsdien alleen maar groter geworden. President Erdoğan heeft verschillende gouverneurs van de centrale bank ontslagen omdat hij hogere rentetarieven niet toelaatbaar vond en ze als een belemmering voor investeringen zag.

De financiële markten verwelkomden de benoeming van gouverneur Naci Ağbal in november 2020. Ağbal voerde een strak monetair beleid en de wisselkoers van de lira daalde. Hoewel de rente op Amerikaanse obligaties in februari en maart 2021 snel steeg, was er geen negatieve divergentie in de Turkse lira zoals die nu het geval is. De voortdurende renteverhogingen van Ağbal resulteerden in zijn ontslag en zorgden ervoor dat de markt het vertrouwen verloor dat de centrale bank onafhankelijk  opereerde.

Het is ook nodig om de periode vóór de huidige gouverneur, Şahap Kavcıoğlu, te vermelden. Lütfi Elvan, die na het aftreden van Berat Albayrak tot minister van Financiën werd benoemd, werd algemeen aanvaard door de markten. Hij werd echter ook door Erdogan ontslagen omdat hij de beleidskoers van de regering niet steunde. De Turkse lira, die in de periode van november 2020 tot maart 2021 was hersteld, begon te verzwakken toen Kavcıoğlu, die de lage rentetarieven steunde, het gouverneurschap van de centrale bank op zich nam.

Hoewel de rente tot de vergadering in september constant werd gehouden, verzwakten zowel de verklaringen van Erdoğan als de verwachting van de markt voor renteverlagingen de lira. In november versnelde de stijging van de USD/TRY toen de renteverlagingen van kracht werden en de monetaire situatie werd beschreven als een “oorlog”. Hoewel niet bekend was wie tegen wat vocht, werd er door Erdogan gesproken over een nieuw economisch model. Elke toespraak van de president zorgde voor een verdere waardevermindering van de lira, omdat inflatie niet het hoofddoel was.

Tot het einde van het eerste kwartaal van 2022 zal het huidige beleid worden voortgezet en zal de Turkse Centrale Bank de rente niet verhogen. Investeringen zullen naar verwachting van de president leiden tot een exportoverschot, hogere inkomsten uit toerisme en een lagere rente op schulden. Als president Erdoğan de huidige aanpak blijft volgen, zou de inflatie tegen het einde van het eerste kwartaal de 30% kunnen naderen. Uiteindelijk lijkt het onvermijdelijk dat op enig moment in de toekomst een serie renteverhogingen nodig zal zijn, maar zal dit onder een nieuwe gouverneur van de centrale bank gebeuren of onder de zittende?

Aangezien de CBRT afstand heeft genomen van de wereldwijde risico’s en haar eigen inflatiedoelstelling hanteert, kan het nodig zijn om de rente agressief te verhogen maar tot het zover is kan de stijging van de USD/TRY doorgaan. De lira kan met andere woorden blijven verzwakken. 2022 wordt naar verwachting een jaar van hoge inflatie in Turkije. Helaas zal een jaar met op hol geslagen inflatie de koopkracht van burgers verminderen en zal de wisselkoers volatiel blijven. Hoe eerder het huidige beleid wordt losgelaten om zich op de inflatie te concentreren, hoe beter. Een werkbaar plan voor de strijd tegen inflatie ligt (helaas) voorlopig nog niet op tafel.