En ook de rookgordijnen staan in brand (3)

In deze derde en laatste rit van onze blogpostdraad bekijken we graag waarin Rickards denkt te beleggen, zo postpandemisch. En we trekken de riempjes aan, want onze driedaagse eindigt op een slotklim.

Hoofdstuk 6 – Investing in a post-pandemic world

Vanaf pagina 134 e.v. vertrekt Rickards vanuit zijn modellen om zich, voor 2021-’22 en daarna, alvast aan volgende voorspellingen te wagen (in eerste instantie voor Amerika, maar doe dat maar wereldwijd):

“Deflation (or strong disinflation) will prevail. Stocks have not hit bottom. Interest rates will fall further. Bonds will continue to rally. Gold will go significantly higher. The COVID-19 recovery will be slow and weak. Unemployment will remain near 10 percent. Commercial real estate will fall further. Residential real estate is an attractive opportunity. The dollar will be strong in the short run, weaker by 2022. Oil will surprise to the upside based on output reductions and sanctions. “ (p. 135)

(“Deflatie (of sterke desinflatie) zal domineren. Aandelen hebben de bodem nog niet bereikt. De rente zal verder dalen. Obligaties zullen blijven stijgen. Goud zal aanzienlijk hoger gaan. Het COVID-19-herstel zal langzaam en zwak zijn. De werkloosheid blijft rond de 10 procent. Commercieel vastgoed zal verder in waarde dalen. Residentieel vastgoed biedt een aantrekkelijke opportuniteit. De dollar zal op korte termijn sterk zijn, zwakker tegen 2022. Olie(prijs) zal positief verrassen op basis van productieverminderingen en sancties.”)

Niet onverwacht, deze voorspellingen, in het licht van onze eerste twee ritten, maar pikken we er nu eens, concreet, twee uit.

Wat aandelen betreft, ziet Rickards de Dow Jones (nu boven de 30000 punten) terugvallen naar 16000 en de S&P500 (nu rond 3800 punten) naar 1750 tegen eind 2021. We zullen zien, zei de blinde, al trekken we bij deze koersdoelen natuurlijk meteen een parallel naar die van Hunter en Hussman.

Een niet onbelangrijk deel van zijn boek wijdt Rickards aan goud. Velen (ook onder ons) associëren de goudprijs met inflatie, met hogere (reële) rente. Hoe hoger de inflatie, hoe hoger de goudprijs. Toch lijkt het tegendeel niet minder lucratief. Naast de zogenaamde ‘fear factor’ (goud als veilige haven in woelige tijden) en de fundamentele factor van vraag en aanbod, aldus Rickards, is het niveau van de reële rente een derde stimulator voor de goudprijs: “[g]old has no yield and competes with cash equivalents for investor dollars. When real rates are higher, cash becomes more attractive. That’s a headwind for the dollar price of gold.” (p. 141)

(“Goud heeft geen rendement en concurreert met kasequivalenten voor dollars van investeerders. Als de reële rentes hoger zijn, wordt contant geld aantrekkelijker. Dat is een tegenwind voor de goudprijs in dollars.”)

Begrijpelijk dat de in 2020 stijgende goudprijs dan in die zin rechtstreeks te relateren valt aan een almaar dálende rente. En wanneer die bijvoorbeeld zirp (zero) of nirp (negatief) gaat, brengt goud in se ‘méér’ op dan pakweg een spaarboekje aan -3% (los van bankkosten, inflatie, …).

Om de goudprijs uit zijn huidige consolidatiepatroon omhoog, boven de 2000 dollar, te duwen ziet Rickards drie aanjagers. De eerste is “a loss of confidence in the U.S. dollar in response to massive money printing to bail out investors in the pandemic. (…) The second driver is a simple continuation of the gold bull market. (…) The third driver is panic buying in response to a new disaster.” (p. 142-143)

(De eerste aanjager is “een verlies van vertrouwen in de Amerikaanse dollar als reactie op het massaal drukken van geld om investeerders tijdens deze pandemie te redden. (…) De tweede drijfveer is een simpele voortzetting van de stierenmarkt in goud. (…) De derde drijfveer is paniekaankopen als reactie op een nieuwe ramp.”)

Als mogelijke aanleiding hiertoe denkt Rickards aan nieuwe COVID-19-golven, het in gebreke blijven van een of andere goud-ETF of Commodity Exchange (Comex) om te voldoen aan haar verplichting om fysiek goud te leveren, een geopolitieke demarche, …

Terwijl de edelmetalen het vandaag op de financiële markten niet echt onder de markt hebben (de stier kampt met aantrekkende rentekramp), stelt Rickards voor goud toch vrij hoge koersdoelen voorop: “Physical gold bullion will move from $ 2.000 per ounce past $ 2.500 per ounce by early 2021. From there, further gains to $ 14.000 per ounce by 2025 are likely.” (p.144)

(“Fysiek goud zal begin 2021 van 2.000 dollar per ounce naar 2.500 dollar per ounce stijgen. Van daaruit zijn verdere winsten waarschijnlijk naar 14.000 dollar per ounce in 2025.”)

Tot slot pleit Rickards in dit zesde hoofdstuk ook voor cash, omwille van de ‘optionality’. Ongeacht of we deflatie (Rickards’ visie voor de eerstkomende tijd) dan wel inflatie krijgen, cash geeft je de optie om altijd wel die ene investering op te pikken die goedkoper staat dan al die andere. Bovendien betaal je bij cash geen ‘uitstapkosten’, aldus Rickards.

Conclusion

Ook in zijn conclusie, en als oplossing om uit de depressie te klimmen, grijpt Rickards terug naar … goud.

“America’s greatest economic problem today is debt. (…) Monetary policy fails because concern about debt causes Americans to save rather than spend. This kills velocity and makes money printing impotent. Low rates don’t help, because that forces more precautionary saving to meet personal goals. Fiscal policy fails for that same reason. With debt levels so high, Americans expect default, higher taxes, or inflation. (…) The U.S. economy is in a liquidity trap. (…) Higher taxes could help defease debt, but taxes would kill the economy in other ways and do more harm than good. (…) So the problem is debt compounded by deflation. What is not clear is a way out of the wilderness, a solution to the new depression. Two presidents have found this solution – Franklin Delano Roosevelt and Richard Nixon – and the solution is there for the asking today. The solution is a dollar devaluation, not against another currency but against gold. (…) If you devalue the dollar, the price of gold goes up, and so does the price of everything else. And that was FDR’s goal. He needed to break the back of the dollar price of gold. The way to get inflation is to raise the dollar price of gold.” (p. 156-158)

(“Het grootste economische probleem van Amerika vandaag is de schuldenlast. (…) Monetair beleid mislukt omdat bezorgdheid over schulden ervoor zorgt dat Amerikanen sparen, in plaats van uit te geven. Dit doodt de omloopsnelheid en maakt het drukken van geld machteloos. Lage rentes helpen niet, want dat dwingt tot meer sparen uit voorzorg om persoonlijke doelen te bereiken [brood op tafel, lening afbetalen, … – nvda]. Fiscaal beleid faalt om dezelfde reden. Met dergelijke hoge schuldniveaus, verwachten Amerikanen wanbetaling, hogere belastingen en inflatie. (…) De Amerikaanse economie zit in een liquiditeitsval. (…) Hogere belastingen zouden kunnen helpen om schulden te verlichten, maar belastingen zouden de economie op andere manieren fnuiken en meer kwaad dan goed doen. (…) Het probleem is dus de schuld, die nog eens wordt verergerd door deflatie. Wat onduidelijk blijft, is een uitweg uit de wildernis, een oplossing voor de nieuwe depressie. Twee presidenten hebben deze oplossing gevonden – Franklin Delano Roosevelt en Richard Nixon – en de oplossing is er voor hen die er vandaag om vragen. De oplossing is een devaluatie van de dollar, niet ten opzichte van een andere valuta, maar tegen goud. (…) Als je de dollar devalueert, gaat de prijs van goud omhoog, en dat geldt ook voor de prijs van alle andere dingen. En dat was het doel van FDR. Hij moest de dollarprijs van goud breken. De manier om inflatie te krijgen, is door de goudprijs in dollar te verhogen.”)

En of de Federal Reserve hierin meegaat of niet, meent Rickards, goud blijft een win-win: “Besides, an increase in the dollar price of gold today does not require a new gold standard. The Fed could simply buy gold at progressively higher prices after making its intentions known in advance. (…) Don’t hold your breath waiting for this program. It’s beyond the comprehension of U.S. central bankers (…). You don’t need to wait for the central banks. You can buy gold yourself today. If the United States decides to raise the price of gold, you win. If the United States does not raise the price of gold, it will go up anyway because of debt and lost confidence in the dollar. Again, you win.” (p.161)

(“Bovendien vereist een stijging van de goudprijs in dollar vandaag geen nieuwe goudstandaard. De Fed zou gewoon goud kunnen kopen tegen steeds hogere prijzen, nadat ze haar bedoelingen van tevoren heeft bekendgemaakt. (…) Houd echter je adem niet in terwijl je op dergelijk programma wacht. Het gaat het begrip van Amerikaanse centrale bankiers te boven (…). Je hoeft niet te wachten op de centrale banken. Je kan vandaag zelf goud kopen. Als de Verenigde Staten besluiten de goudprijs te verhogen, win je. Als de Verenigde Staten de goudprijs niet verhogen, zal deze sowieso stijgen vanwege de schulden(berg) en het verloren vertrouwen in de dollar. Opnieuw, je wint.”)

En Rickards heeft voor zijn lezers nog een paar ‘famous last words’, letterlijk de laatste paragraaf van zijn boek:

“The factor that will not fade freely is the debt burden. Debt leads to deflation, which worsens the burden. The answer is to use inflation to break the back of deflation. FDR showed us how to achieve that. His solution was gold. Our solution today is the same.” (p.161)

(“De factor die niet vrijblijvend zal vervagen, is de schuldenlast. Schulden leiden tot deflatie, waardoor de last groter wordt. Het antwoord is om inflatie te gebruiken om de rug van deflatie te doorbreken. FDR heeft ons laten zien hoe we dat kunnen bereiken. Zijn oplossing was goud. Onze oplossing is vandaag dezelfde.”)

 

Ziezo, dit was ‘m, onze review van Rickards’ jongste telg. Al blijft onze inbreng beperkt tot drie ritjes blogpost, tot een paar quotes, vertaling en summiere commentaar. Sowieso,  krijg je de kans om dit boek of in het Engels of in Nederlandse vertaling te lezen: doén! Rickards zet zich 160 bladzijden lang aan het storytellen, en jij verwerft méér inzichten (én over COVID-19 én financieel-economisch) dan het voorbije jaar op al je mainstream media samen. Bovendien vind je er ook externe citaten (dus van andere auteurs) in terug, en achteraan een uitgebreide lijst aan ‘notes’ en ‘selected sources’ (zijn eigen bronnenmateriaal, een keur aan auteurs en werken).

Rickards geeft je inkijk doorhéén én áchter de rookgordijnen van ons financieel-economisch systeem en laat ons terloops inzien dat zelfs die rookgordijnen al vuur hebben gevat.

 

Consul Fund heeft nog één vraag voor jou:

brandblusser in huis?

 

 

 

*

Bronnen

RICKARDS, James. The New Great Depression – Winners And Losers In A Post-Pandemic World. Portfolio/Penguin. 2021.

*

Disclaimer

De informatie in deze publicatie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als een individuele uitnodiging of aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen of tot aan- of verkoop van bepaalde financiële of andere producten. Iedere belegging die jij overweegt, moet je zelf toetsen aan je persoonlijk beleggersprofiel of moet je bespreken met je bankier of beleggingsadviseur. Beleggen brengt risico’s met zich mee. Je kan je inleg of een deel ervan verliezen. De waarde van je beleggingen kan fluctueren.  In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.