Het overmatig drukken van geld weegt zwaar op de waarde van fiat valuta’s

Het overmatig drukken van geld, niet alleen in de Verenigde Staten maar ook in Groot-Brittannië en de Europese Unie, blijft de waarde van valuta’s in een alarmerend tempo devalueren. We merken het misschien zelf niet meteen op, maar als gevolg van overvloedige geldcreatie wordt onze koopkracht in een alarmerend hoog tempo verminderd. Dat heeft inderdaad te maken met de massale geldcreatie door de centrale banken in de afgelopen jaren.

Inflatie tast de koopkracht van fiat valuta’s aan en uiteindelijk worden ze waardeloos of toch zo goed als waardeloos. De cijfers spreken in dat verband boekdelen: de dollar heeft sinds 1950 90% van zijn koopkracht verloren. Daarentegen is goud sinds 1972 gestegen van $ 35/oz naar $ 1.800. Over een periode van iets meer dan 70 jaar heeft de dollar dus het grootste deel van zijn koopkracht verloren, maar wie had gekozen voor goud bleef deze waarde-ontwaarding bespaard.

De Fed kan haar bedoelingen telegraferen zo veel als ze wil, feit blijft dat bij de huidige onhoudbaar hoge schuldenlast de rentebetalingen verbonden aan die schulden uiteindelijk de federale overheid, de bedrijven en, last but not least, de consument, zullen verlammen. Geldcreatie is per definitie inflatie, omdat door die creatie de waarde van munten wordt uitgehold zodat er meer valuta’s nodig zijn om dezelfde hoeveelheid goederen te kopen als voorheen

De Amerikaanse regering is verslaafd aan uitgaven en Wall Street is verslaafd aan het gemakkelijke geldbeleid van de Fed, waaronder het drukken van geld om overheidsleningen en de superlage rente te ondersteunen. In deze omgeving van buitensporige schuldaccumulatie en op hol geslagen inflatie is er maar één manier om iemands rijkdom te beschermen en dat is door goud en zilver of hoogwaardige te bezitten.