Hoe een minder dan zes maanden oud fonds de nucleaire brandstofmarkt wakker schudde

Zes maanden geleden bestond de Sprott Physical Uranium Trust niet. Nu bevat het bijna een derde van de jaarlijkse productie aan uranium en het wordt steeds groter. De komst van het fonds en de explosieve groei er van, zorgt voor golfbewegingen in de prijs voor nucleaire brandstof. Het Sprott-fonds heeft dit jaar zijn steentje bijgedragen aan een stijging van de prijs voor uranium met zowat 50%.

Sprott meldde onlangs dat zijn activa zijn gegroeid tot $ 1,9 miljard, waardoor het management de financieringslimiet van het fonds twee weken geleden bijna moest verdubbelen tot $ 3,5 miljard. Het was de tweede keer in twee maanden dat het moest verhogen. Achter de interesse voor uranium gaat een race schuil om te wedden op een nucleaire toekomst, waarbij iedereen, van hedgefondsen tot daghandelaren aan boord probeert te springen.

De in Canada genoteerde trust, die in juli werd gelanceerd, is het enige beursgenoteerde fonds in Noord-Amerika dat in fysiek uranium investeert. Over de hele wereld groeit het besef dat kernenergie mogelijk een grotere rol moet spelen nu de regeringen overal maatregelen nemen om de opwarming van de aarde te beperken. Hoewel het gebruik van uranium op forse tegenstand stuit van milieuactivisten, die zich zorgen maken over het smelten van reactoren en de gevaren van radioactief afval, zeggen voorstanders dat de koolstofvrije elektrische stroomvoorziening door kernenergie ruimschoots opweegt tegen deze zorgen.

Eric Sprott, de man achter het fonds die gokt op de toekomst van nucleaire energie, heeft sinds de zomer ongeveer 41 miljoen pond uranium binnengehaald, wat ongeveer 30% van de jaarlijkse productie is. Handelaren zeggen dat het fonds de uraniummarkt hervormt en op die manier transparantere prijzen mogelijk maakt. Historisch gezien ontbrak het de uraniumspotmarkt aan de vorming van dagelijkse prijzen, aangezien een groot deel van de kopers – de elektriciteitsbedrijven meer bepaald – de grondstof kocht via langlopende inkoopovereenkomsten. Dat is nu dus verandering in gekomen, met als gevolg dat ook de speculanten op de uraniummarkt zijn neergestreken. Wat de prijzen nog verder omhoog kan duwen.