Peter Schiff: reële inkomens in de VS storten in een ongekend tempo in

De Amerikanen verdienen meer, maar de inflatie vreet aan hun lonen. Per saldo is er sprake van achteruitboeren. In zijn podcast van deze week sprak Peter Schiff over de ongekende ineenstorting van de reële inkomens en hoe deze evolutie uiteindelijk op de economie zal wegen.

Op jaarbasis stegen de gemiddelde uurlonen voor productie- en niet-leidinggevende werknemers in maart met 6,7%. Dat klinkt geweldig – totdat je rekening houdt met inflatie. Met een CPI van 8,5% (volgens officiële cijfers van de Amerikaanse overheid), zijn de reële lonen voor deze arbeiders met bijna twee procent gedaald. Hun hogere salaris dekt niet eens stijgende prijzen.

Al met al stijgen de lonen met zo’n 4 tot 5%. Dat betekent dat de reële lonen in totaal nog sneller dalen.

Peter Schiff stelt echter dat de realiteit nog erger is dan dat.

De looncijfers zijn reëel. Dat zijn echte cijfers omdat ze gemakkelijk te meten zijn. De loonsverhogingen kloppen dus, daar valt niet aan te tornen. Het zijn de prijsverhogingen die niet kloppen. Want als de inflatie in werkelijkheid 17 of 18% bedraagt, en niet 8,5% en de lonen maar met vier of vijf procent groeien, storten de reële inkomens in een ongekend tempo in.

We zien de impact van de dalende reële lonen op het Amerikaanse spaargeld. De spaarquote van Amerikaanse huishoudens is in 2022 geïmplodeerd. Het is nu lager dan voordat alle COVID-stimulansen en PPP-controles aangekondigd werden.

Eind 2020 en in 2021 was er een grote sprong voorwaarts in het totale bestand aan spaargeld omdat de regering in de VS iedereen een hoop geld stuurde. Mensen betaalden creditcards en sloegen wat geld op bij de bank. Nu zien we dat spaargeld opraakt en mensen in een razendsnel tempo opnieuw creditcards gebruiken. De consumentenschuld stijgt in het snelste tempo sinds 2001.

Nu is het spaargeld niet alleen helemaal verdwenen, de Amerikanen hebben zelfs minder spaargeld dan voordat ze dat ze hun cadeautjes van de overheid kregen, omdat ze dat geld recent zijn kwijtgeraakt als gevolg van de stijgende prijzen. Nu is dat geld weg en vertrouwen ze op creditcards om het gat te dichten tussen wat ze verdienen en wat ze uitgeven.’